
Ik hoorde laatst een podcast over het popnummer I´m not in love van 10cc uit 1975. Een liefdeslied. Bijzonder is dat de stemmen van Eric Stewart, Graham Gouldman, Kevin Godley en Lol Creme via tapeloops tot een hemelse stemmenorgel zijn opgebouwd. Ik moest aan de achtergrond van dit lied terugdenken bij het lezen van de prachtige psalm 139.
Psalmen 139. HEER, U kent mij, U doorgrondt mij, U weet het als ik zit of sta, U doorziet van verre mijn gedachten. Ga ik op weg of rust ik uit, U merkt het op, met al mijn wegen bent U vertrouwd. Geen woord ligt op mijn tong, of U, HEER, kent het ten volle. U omsluit mij, van achter en van voren, U legt uw hand op mij. Wonderlijk zoals U mij kent, het gaat mijn begrip te boven. Hoe zou ik aan uw aandacht ontsnappen, hoe aan uw blikken ontkomen? Klom ik op naar de hemel – U tref ik daar aan, lag ik neer in het dodenrijk – U bent daar. Al verhief ik mij op de vleugels van de dageraad, al ging ik wonen voorbij de verste zee, ook daar zou uw hand mij leiden, zou uw rechterhand mij vasthouden. Al zei ik: ‘Laat het duister mij opslokken, het licht om mij heen veranderen in nacht,’ ook dan zou het duister voor U niet donker zijn – de nacht zou oplichten als de dag, het duister helder zijn als het licht. U was het die mijn nieren vormde, die mij weefde in de buik van mijn moeder. Ik loof U om het ontzaglijke wonder van mijn bestaan, wonderbaarlijk is wat U gemaakt hebt. Ik weet het, tot in het diepst van mijn ziel. Toen ik in het verborgene gemaakt werd, kunstig geweven in de schoot van de aarde, was mijn wezen voor U geen geheim. Uw ogen zagen mijn vormeloos begin, alles werd in uw boekrol opgetekend, aan de dagen van mijn bestaan ontbrak er niet één. Hoe rijk zijn uw gedachten, God, hoe eindeloos in aantal, ontelbaar veel, meer dan er zand is bij de zee. Ontwaak ik, dan nog ben ik bij U. God, breng toch de goddelozen om, – weg uit mijn ogen, jullie die bloed vergieten – ze spreken kwaadaardig over U, uw vijanden misbruiken uw naam. Zou ik niet haten wie U haten, HEER, niet verachten wie tegen U opstaan? Ik haat hen, zo fel als ik haten kan, ze zijn ook mijn vijand geworden. Doorgrond mij, God, en ken mijn hart, peil mij, weet wat mij kwelt, zie of ik geen verkeerde weg ga, en leid mij op de weg die eeuwig is.
Vervuld van liefde zijn wij gekend. Zoals het liefdeslied van Eric Stewart voor zijn vrouw laat horen. Dit kennen heeft geen woorden nodig maar een stroom waaraan je jezelf kunt overgeven – of een adembenemend stemmenorgel. Gekend worden is een levensvoorwaarde. Daar hoort een levensbedding bij die jou als individueel persoon voorafgaat én tegelijkertijd overstijgt. Pas dan kunnen we spreken over eeuwigheidwaarde en klinkt in de geloofstraditie de naam van God. Besef hiervan kan een adembenemende ervaring geven. Bijzonder dat de vier heren van 10cc deze sfeer hebben weten te verklanken.
Jack Steeghs