Boerenpastoraat: levenslessen (68) – Bezoekwerk

Ruim 6 ½ jaar geleden overleed ons pap, 3 jaar geleden ons mam. De generatie die mij is voorgegaan is uit de tijd gevallen. ‘Nu mag ik het van hen geleerde waar gaan maken’, bedenk ik als enig kind, die vele jaren met hen leefde en werkte… Een blogserie over levenslessen van vroeger voor NU (68).

Veel vaker schreef ik op deze plaats over bezoekwerk. Als kind raakte ik geboeid door de mensen die langskwamen en aan de keukentafel schoven om met mam en pap te komen buurten. En dan maakte het niet zoveel uit of de aanleiding privé was of zakelijk – voor het bedrijf. Ik kreeg in de gaten dat de verhalen die pap en mam aan mij vertelden bij bezoek in een ander jasje werden gestoken. Pap en mam kenden de meesten die over de vloer kwamen heel goed. Zonder het destijds te beseffen kreeg ik al jong mee dat er veel verschillen zijn tussen bezoekers en dat je hetzelfde nieuws dus het beste in meerdere variaties verder kunt vertellen. Fascinerend. Nu ik alweer jaren in een pastorale beroepsuitoefening zit word ik regelmatig herinnerd aan deze praktijk van vroeger, zie ik de waarde van contactwerk en breng ik in de praktijk dat wat ik als jong kind zag daar aan die keukentafel. Het vraagt van elke pastor veel tijd en energie om een ander te ontmoeten, om een echt gesprek te voeren – dat wil zeggen: met een impact van wederkerigheid. Toch is dit de basis van alle kerkenwerk. Maar met een groot werkgebied en te weinig bezoekers is het een grote kunst om het echte contactwerk zo in te passen dat aan je te zien is dat je staat voor de zaak, dat je jezelf niet voorbij loopt en het gevoel kunt geven dat er betrokkenheid is – ook al kun je onmogelijk voldoen aan de hoge verwachtingen die het pastorale werk in zich heeft.

Jack Steeghs

Plaats een reactie