We zijn allemaal mensen van de weg. Welke weg? Dat is de vraag…

Een verhaal over snoeien, over vrucht dragen, over jouw weg gáán. Een verhaal ook over onderweg zijn en verbonden blijven met je oorsprong. Onderweg zijn en verbonden blijven met je bestemming.

En een verhaal over de vreemdeling in onszelf, de vreemdeling in ons midden. ‘Het vreemde’ is nooit ver en doet een beroep op ieder van ons om af en toe bij stil te staan. Oftewel: mijn overweging van vorig weekend.

De levensweg die ieder van ons gaat kent vanuit het geloof twee belangrijke principes: het eerste is de levensweg, die ieder van ons is vergund door de liefde die twee mensen voor elkaar voelen. Het tweede is dat het leven een geschenk is, dat erom vraagt met eerbied geopend te worden en vervolgens met eerbied geleefd te worden. Die eerbied wil zeker niet zeggen dat het accent in het leven ligt op wat er allemaal niet mag. 

Het accent in het leven ligt juist op alles eruit halen wat er aan talenten en mogelijkheden in jouw leven zit. De enige restrictie is het in tact laten van de verbinding van jouw leven met je oorsprong en bestemming.

Geen mens hoeft verloren rond te lopen! Daarom kan het ‘vrucht dragen’ uit het evangelie niet zonder het ‘blijven in’ de Heer. Net als de ranken van de wijnstok kan geen mens gelovig vrucht dragen zonder een blijvende verbinding met de stam.

Het leven is een geschenk, én tegelijkertijd een weg ineen. Leven is iets anders dan onderscheid maken tussen gelovigen en ongelovigen, tussen hen die het bij het rechte eind hebben en zij die dwalende zijn. Dat is wél de realiteit in de eerste lezing, daar waar Paulus net bekeerd is tot volgeling van Jezus. En omdat zijn gehoor hem nog goed kent als fanatieke christenvervolger is hij in eerste instantie ongeloofwaardig. 

Nieuwkomer Paulus heeft moeite om in de eerste christengemeente opgenomen te worden. Invoelbaar voor velen in onze tijd. Hoe vaak voelen mensen die verlangen naar gemeenschap niet: ‘je komt er niet tussen?’

Hoe gastvrij wij op deze eerbare plek ook wensen te zijn, ook hier zal vast voorkomen dat nieuwkomers het gevoel hebben zich in te moeten schikken in een bestaande orde. Dat is niet gek. Zo gaat dat met mensen die verenigd zijn vanuit een gegroeide overtuiging, en met elkaar een beproefde manier van samenkomen hebben gevonden.

Dan gaat Barnabas bemiddelen. Hij begeleidt de inburgering van Paulus in de groep van de apostelen. Hij vertelt hoe Paulus, ondanks zijn verleden, écht door de Heer is geraakt, écht te goeder trouw is… en effent zo de weg geaccepteerd te worden, een plek in de geloofsgemeenschap te krijgen. Wat mooi. Ik wens elke vreemdeling die in onze tijd op de vlucht is geslagen en een veilig onderkomen zoekt zo’n bemiddelaar toe!

In het evangelie staat een passage over ranken die geen vrucht dragen, weggesneden worden en weggeworpen worden en daar meteen mee verbonden: ranken die wél vrucht dragen maar ‘gezuiverd’ dienen te worden. Wat wordt hier bedoeld? Waarom moeten ranken die vrucht dragen ‘gezuiverd’ worden? En wat betekent dit?

Het nieuwe testament is geschreven in het Grieks. In de grondtaal horen we ons begrip van het woord ‘ketters’ doorklinken: ‘katharein’. En ‘ketter’ is iemand die ervoor zorg draagt dat stam en takken in een blijvende goede verbinding staan. Er wordt uitgezuiverd wat er gebeurt. Wat de stam is, wat de tak en hoe de sapstromen lopen. De ‘ketter’ stelt de vraag of er nog leven in zit? Het begrip van ‘ketter’ heeft in onze tijd een negatieve bijsmaak gekregen. Een smaak van fanatiekelingen in een sekte. Dat is niet terecht.

Met uitzuiveren wordt bedoeld dat het van groot belang is dat mensen hun leven gáán zoals het bij ieders aangehangen voorkeuren past – en daarbij niet te vergeten om af en toe te zien waar je staat, of de weg die begaan wordt een goede is, of er bijstelling nodig is. Ketters confronteren je met de vraag: wat vind je er zélf van? En als je er in je eentje niet uitkomt: zoek iemand in je nabijheid die je vertrouwt en leg je verlangen bij hem of haar neer.

‘Mensen van de weg’ blijf je nooit zomaar, geloven is nooit een vanzelfsprekende weg. Onderweg gebeurt van alles dat mensen op verkeerde benen kan zetten en te denken geeft. Denk aan ongeluk, een enge ziekte, een gemankeerde opvoeding, verkeerde vrienden, ongelukkig in de liefde…

Daarom is het van levensbelang én van geloofsbelang om regelmatig te bezinnen op je levensweg, op jezelf en met elkaar. Het leven is gewoonweg te kostbaar om zomaar aan het toeval over te laten. Amen.

(Bronnen: Handelingen 9, Johannes 15)

Jack Steeghs

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s