Eeuwig leven… – overweging

Waarom spreken over ‘eeuwig leven’ zo belangrijk is in de kerk… Onderstaand de overweging die ik afgelopen weekend uitsprak op Sacramentsdag in Alem.

In een toespraak van Mozes tot het volk lazen we in de eerste lezing: ‘Niet van brood alleen leeft de mens’. Het werkwoord ‘leven’ staat hier niet alleen voor ‘in leven zijn’. Ieder van ons die wel eens iets ingrijpends in het persoonlijke leven heeft meegemaakt zal beamen… dat je ‘in leven’ kunt zijn en tegelijkertijd ‘geen leven’ kunt hebben. Er speelt altijd een zekere levenskwaliteit die wij allemaal nodig hebben om volop mens te kunnen zijn. Wij mensen hebben méér nodig dan ons dagelijks brood, meer dan een voedselproductie die op orde is. Daarom zijn de Tien Geboden zo belangrijk. Er is in elke samenleving namelijk richting nodig. Een goede en sociale manier van met elkaar omgaan, met oog voor hen die niet zomaar meekomen én met oog voor de toekomst. Daarom is ‘kennen’ het sleutelwoord in de eerste lezing – neem het boekje daarom gerust mee naar huis en lees het nog maar eens na. Wie écht wil leven houdt het niet bij levensonderhoud. Wie écht wil leven verdiept zich in de eigen familie, gaat aan de slag met zijn en haar talenten en ziet om naar allen die er toe doen. Wie écht wil leven leert God kennen én verdiept de eigen levenskwaliteit. Zo waardenvol is het dat wat wij hier hoog houden.

Onder aanvoering van Mozes heeft God een Verbond met mensen gesloten. Maar omdat de liefde in het begin vooral van één kan moest komen… hebben we in de geschiedenis van onze verre geloofsvoorouders moeten wachten… op de tweede serie van de stenen tafelen, met daarop de tien geboden… op een soort van samenwerking tussen God en mensen.

Geloven is een werkwoord. Je kunt er van alles van vinden… maar als je je niet open stelt, als je niet met een gemeenschap meedoet, als je er persoonlijk niets voor over hebt… dan wordt het nooit wat: je moet er iets voor doen. Pas áls je je oprecht in je leven inzet… kun je de volheid van het sacrament proeven en zijn werk laten doen. 

In het eerste jaar Theologie studeren leerde ik dat het sacrament ergens symbool voor staat. Vergelijk het met de persoon die zijn geliefde een bos bloemen schenkt. In dit voorbeeld zijn de bloemen het sacrament, ze staan symbool voor de liefde van de een voor de ander: de liefde wordt doorgegeven. Een sacrament staat dus niet op zichzelf en verbindt het ene met het andere. In dit voorbeeld gaat het om de liefde van de een voor de ander, in het geloof gaat het om de liefde van God voor zijn volk.

Alles in het aan ons overgedragen geloof staat of valt met gezamenlijkheid. Geloof kan weinig met allemaal individuen die samen komen maar niet echt betrokken zijn op elkaar. Zonder het sámen… vervliegt het aan ons overgedragen geloof. Daarom kennen we het sacrament… en daarom staat ieder jaar een zondag in het licht van sacramentsdag.

Het sacrament bekrachtigt het oprechte en onuitsprekelijke goed dat we in iedere kerk graag aan God toevertrouwen. Het sacrament is iets om dankbaar voor te zijn. Daarom kennen vele culturen processies waarin het allerheiligste wordt rondgedragen. 

En verwar gezámenlijkheid alsjeblieft niet met eensgezindheid. Er is een zekere gemeenschappelijke basis nodig, maar hoe een ieder in geloof staat zal behoorlijk verschillen. Hiermee komt een tweede kracht van het sacrament tevoorschijn: het sacrament houdt bijeen maar smeert verschillen niet dicht. Het is een misverstand te denken dat wij allemaal hetzelfde behoren te denken. Misschien is dát wel de grootste uitdaging in onze tijd: de ontdekkingstocht dat we ondanks misschien zelfs grote onderlinge verschillen toch samen op kunnen trekken. Dankzij het sacrament.

Beste mensen, wees in Godsnaam dankbaar voor de rijkdom die we overgedragen hebben gekregen. En draag je zelf een groot verlies of pijn met je mee, mis je een dierbare… durf een medemens in vertrouwen te nemen: ook jij bent niet alleen!

Vanuit geloof gesproken kan geen mens zonder sacrament… vanuit geloof gesproken hebben we een rite nodig die een ieder persoonlijk tekent met het eeuwige leven en aanzet tot leven zoals het bedoeld is. Want wij zijn allemaal uit betrokkenheid geschapen, ontvangen, in sommige fases zorgbehoevend maar ook altijd ingegeven door een appél dat maar blijft terugkomen: omdat Hij één van ons was en het heeft voorgedaan, belangeloos tot het uiterste toe, God met mensen, amen.

(Bronnen: Deuteronomium 8, Johannes 6)

(Bij de foto: de ark van het verbond in museum Orientalis).

Jack Steeghs

Plaats een reactie