
Ruim 7 jaar geleden overleed ons pap, 3 ½ jaar geleden ons mam. De generatie die mij is voorgegaan is uit de tijd gevallen. ‘Nu mag ik het van hen geleerde waar gaan maken’, bedenk ik als enig kind, die vele jaren met hen leefde en werkte… Een blogserie over levenslessen van vroeger voor NU (76).
Met de Nederlandse taal kwam ik pas echt in aanraking op de lagere school. Ik herinner me die kunststof letterbakjes en de vele spelvormen om de taal onder de knie te kunnen krijgen. En natuurlijk de verhalen die de juf en meester vertelden. Sommige leerkrachten beheersten de kunst om de bekende sprookjes bijzonder spannend te vertellen. In het Nederlands. Maar mijn eerste taal was toch echt dialect. In het buurtschap waar ik opgroeide was gesproken taal altijd dialect – een mengeling van Brabants en Limburgs met Duitse invloeden. Niet alleen een zachte ‘g’, ook veel ‘sj’ in plaats van ‘sch’. Mensen van buiten haalden we er zó uit. Zelfs als ze slechts enkele kilometers verder woonden. Schrijven deden we heel weinig en al helemaal geen verhalen. Enkel boodschappenlijstjes en geheugensteuntjes. Niet gek dat dan de verslagen die ik later op de lagere landbouwschool mocht maken niet bepaald foutloos waren. Als ik dit nu opschrijf denk ik: met een actuele blik op mijn leven doet mijn verleden denken aan lang vervlogen tijden. Want het was niet alleen het dialect, ook de manier van spreken met niet afgemaakte zinnen die lang niet altijd correct waren geformuleerd maar wel werkten. Ik kijk er niet op neer, integendeel. Ik zal nooit de snel uitgesproken versregel van ons pap vergeten – de ultieme test of je van ‘binnen’ of van ‘buiten’ bent: ‘Jan sjoot een sjampsjot sjuuns dur ’t sjupke’ (Jan schoot een schampschot schuin door het schuurtje).
De laatste jaren staat het dialect weer helemaal in de belangstelling. Maar opmerkelijk genoeg meer als kunstvorm in gedichten, muziek en tv-series. Niet als gesproken taal voor iedere dag. Of je moet een meer officieel erkend dialect machtig zijn, zoals het Limburgs, Nedersaksisch of zelfs een taal (het Fries). Tijden veranderen. Laten we de mooie dingen koesteren en doorgeven.
(Foto uit verzameling van mijn ouders: Neerkants leesplankje bij gelegenheid van 40 jaar KBO in 1996)
Jack Steeghs