Welbevinden op de werkvloer: soms uit het oog, maar niet uit het hart…

De rijkdom van meerdere carrières is dat je in je leven door heel verschillende mensen wordt gevoed. In mijn geval geen vooropgezet plan, maar zo gegroeid. Het is onmogelijk om met iedereen een band te onderhouden. Met enkelen onderhoud ik een bijzondere band die vanop afstand in stand wordt gehouden…

Sommigen collega’s waarmee ik heb samengewerkt blijven me bij. Soms is er een tijdlang geen contact meer, totdat er ineens een aanleiding komt – waarbij de social media goede diensten bewijzen. Wat een zegen is dat toch, om te ervaren dat ‘een vonk’ voldoende is om ‘het vuur van weleer’ weer op te doen oplaaien. Echt, daar kan ik enorm van genieten. Dat na zoveel jaren van twee zijdes gevoeld wordt en ruimte gemaakt wordt, om het er weer eens over te hebben. Vanuit één van die contacten kwam onlangs een gesprek op gang, over de carrière die we met elkaar delen…

Druk

Ik zie tegenwoordig steeds scherper dat ons aller welbevinden op de werkvloer gemakkelijk tekort wordt gedaan. Doordat je jezelf niet de rust gunt die je nodig hebt (en daar dus niets over zegt, laat staan ernaar handelt) en door ongelukkige omstandigheden. Van beide oorzaken kun je zelfs levenslang slachtoffer worden. Uiteindelijk komt ‘overleven’ aan op voldoende zelfkennis en op het daarmee leren werken totdat je er alles hebt uitgehaald – nooit te vroeg stoppen, maar ook weer niet te laat. En natuurlijk heb je altijd lieve mensen in je omgeving nodig. 

Ik heb meerdere keren zelf meegemaakt hoe omstandigheden op de werkvloer je kunnen vermalen tot stukjes ‘zelf’ –  stukjes die afzonderlijk geen bestaansrecht hebben want pas aan elkaar gelegd, verworden tot een geheel mens met inhoud, doel en zin.

‘Af’ is het leven nooit, ‘mislukt’ evenmin. Dat geldt ook voor het werk waarin je gelukkig hoopt te worden, net als voor de gekoppelde financiële middelen om je leven mee te kunnen leven.

Inzichten

Vooral in mijn pastorale functies heb ik geleerd dat ‘het onaffe’ erom vraagt gezien te worden zoals het is, dat het onaffe niet meteen mooi wordt gemaakt, dat er stil gestaan wordt bij mislukking en tekort…

In mijn zakelijke functie heb ik geleerd dat alles een prijs heeft, dat ondernemers nodig zijn, dat concurrentie tot bepaalde hoogte goed is, dat je niet steeds alleen maar in oude bronnen kunt verblijven. Dat de traditie altijd weer bij de tijd gebracht mag worden.

Het blijft belangrijk om te streven naar verbetering en vooruitgang waarbij je je persoonlijk en met elkaar regelmatig afvraagt of je nog goed op koers zit…

Jack Steeghs

Onderschatte tijd: de tijd die nodig is…

Zeven jaar geleden schreef ik een blog over het boek ‘Ik heb de tijd – een handleiding in tijdsurfen’ van Zenmonnik Paul Loomans. In deze blogbijdrage een persoonlijke oefening van wat de factor ‘tijd’ nu met mij doet.

Lees verder

Hoe is het met… Nieuw Kerkzijn Platteland (2)

Eind 2019 schreef ik het laatst over ‘Hoe is het met… Nieuw Kerkzijn Platteland’.
Dit kleinschalige maar landelijke studietraject voor (kerkelijk) werkers op het platteland is daarna doorgegaan als informele intervisiegroep. De laatste bijeenkomst was gisteravond, digitaal.

Lees verder

Gesproken op de jaarlijkse Biddag voor gewas en arbeid…

Een mooie oecumenische traditie in Bergharen: ook in coronatijden een gezamenlijke Biddag op woensdag 10 maart… Onderstaand mijn overwegende deel, gebaseerd op het boek Prediker.

Lees verder

We praten te eenzijdig over crisis

Soms herneem ik werken uit het verleden. Om mezelf scherp te houden. De huidige coronacrisis bijvoorbeeld heeft het afgelopen jaar vooral het accent gelegd op het alarmerende karakter – om ervoor te zorgen dat maatregelen worden opgevolgd. Veel minder nadruk lag er op het palet aan kansen om ‘onze economie’ te ontdoen van ‘weeffouten’ (alsof je daarmee geen mensen kunt motiveren). Het allerbelangrijkste in elke crisis lijkt mij de nadruk op kansen. En al helemaal op het platteland.

Lees verder